Veel aandacht voor petitie verbeteren spoorverbinding Noordoost-Nederland

Tetske Alferink
February 9, 2024

Bestuurders Noord- en Oost-Nederland overhandigen petitie aan Tweede Kamerleden met oproep voor steun versterken spoorverbinding Zwolle-Meppel.


Den Haag, 16 januari 2024
– Vandaag hebben bestuurders uit Noord- en Oost-Nederland een petitie aangeboden aan een groot aantal Tweede Kamerleden, waarin zij hen oproepen zich opnieuw in te zetten voor een bereikbaar Noordoost-Nederland via bestaand spoor.

De petitie roept Kamerleden op zich in te blijven zetten voor het laten rijden van een 3e en 4e intercity in de spits van en naar Zwolle, Assen en Groningen. In oktober 2023 heeft de Tweede Kamer een motie aangenomen die deze opdracht steunt, maar het kabinet heeft ervoor gekozen om deze motie niet uit te voeren. Daarnaast dringen bestuurders aan op een reservering van € 40 miljoen in de Rijksbegroting van 2024 voor de benodigde aanpak van overwegen (€35 miljoen) en investeringen in tractie- en energievoorzieningen(€5 miljoen) om de spoorverbinding tussen Zwolle en Meppel te verbeteren.

De petitie is overhandigd aan Wytske Postma (NSC), de nieuwe voorzitter van de vaste Kamercommissie Infrastructuur en Waterstaat. De petitieoverhandiging mocht rekenen op grote belangstelling, met veel aanwezige Tweede Kamerleden die steun betuigden voor het aanpakken van het knooppunt Zwolle-Meppel.

Voorzitter van de vaste Kamercommissie Infrastructuur en Waterstaat Wytske Postma neemt de petitie in ontvangst van Peter Snijders (voorzitter Regio Zwolle).
Fotograaf Phil Nijhuis


Kwetsbare spoorverbinding tussen Zwolle en Meppel
De petitie onderschrijft het belang van de investeringen om de spoorverbinding tussen de Randstad, Zwolle en Noord-Nederland robuuster, betrouwbaarder en leefbaarder te maken voor de 75.000 treinreizigers die wekelijks gebruik maken van dit traject. De huidige kwetsbaarheid, vooral tussen Zwolle en Meppel, resulteert in een gemiddelde uitval van 9 uur per week, waardoor het noorden per openbaar vervoer afgesneden is van de rest van Nederland. Gedeputeerde Matthijs de Vries reageert namens de Noordelijke provincies: “Reizigers van en naar het Noorden zijn nu te afhankelijk van problemen die ontstaan bij de stations Zwolle en Meppel. De flessenhals Zwolle-Meppel moet daarom snel worden aangepakt. Maar dat is niet genoeg. Om de kwetsbare bereikbaarheid van en naar het Noorden structureel op te lossen zijner simpelweg meer spoorverbindingen over het spoor nodig in het Noorden”


Spoor belemmert woningbouwambities

Peter Snijders, voorzitter Regio Zwolle, benadrukte het belang van een stabielere spoorverbinding tussen Zwolle en Meppel: "Een verbeterde OV-bereikbaarheid is essentieel voor de ambitie van Noordoost-Nederland om de woningnood aan te pakken en de komende jaren circa 100.000 nieuwe woningen te bouwen. Om van deze nieuwe bewoners OV-reizigers te maken, hebben we betrouwbare en frequente verbindingen nodig. Nu investeren in het bestaande spoornetwerk is cruciaal voor een snelle verbetering van de treinbereikbaarheid, een duurzame mobiliteitsoplossing en een bijdrage aan de urgente woningbouwopgave waar Nederland voor staat."


Van vierde spoor naar vier intercity’s per uur
Eind 2022 heeft het kabinet reeds €35 miljoen toegewezen voor de aanleg van een vierde spoor op station Meppel, wat het mogelijk maakt om meer treinen te laten rijden en de verbinding tussen Zwolle en Meppel minder gevoelig maakt voorverstoringen. De petitie roept op tot verdere stappen, waaronder het geven vaneen opdracht aan het hoofdrailnet om 4 intercity’s per uur te laten rijden inde ochtend- en avondspits tussen Groningen en de Randstad. De inzet van deze extra treinen kost het Rijk jaarlijks €5 miljoen. Met de verwachte groei in mobiliteit en de dringende behoefte aan duurzame mobiliteitsoplossingen, is de petitie een oproep tot investeringen in de leefbaarheid van Noordoost-Nederland.


Amendement voor een robuuster en betrouwbaarder spoor
Tweede Kamerleden Pieter Grinwis(ChristenUnie), Elien Vedder (CDA) en Habtamu de Hoop (Groenlinks-PvdA) hebben reeds een amendement ingediend waarin zij vragen om de benodigde middelen op korte termijn beschikbaar te maken voor het spoorknooppunt Zwolle-Meppel.

Grinwis: “Reizen met de treindoor Meppel is helaas eerder een ramp dan een feest. Daar moet verandering inkomen. Ook voor de extra intercity’s van en naar Groningen – een vurige wens van de ChristenUnie, waar de Kamer dit najaar nog in grote meerderheid mee instemde – is het nodig dit knooppunt snel aan te pakken. Daarom span ik mij samen met GL/PvdA en CDA in om dit nu te regelen.’


De Hoop: “Als Kamerlid uit Noord-Nederland zie ik dagelijks de problemen rond het spoorknooppunt bij Meppel. Het is vangroot belang dat Noord-Nederland beter bereikbaar wort en dat het openbaarvervoer betrouwbaar is, zodat iedereen gemakkelijk naar werk, familiebezoek of school kam. Met dit voorstel zorgen we ervoor dat een van de grootste knelpuntenverleden tijd wordt.’

Vedder: ‘Den Haag kan niet blijven wegkijken bij de flessenhals die station Meppel is voor de bereikbaarheid van het noorden. Het is tijd voor boter bij de -lang beloofde- vis.’    

Notaoverleg MIRT en begrotingsbehandeling
Op 22 januari staat de spoorverbinding Zwolle-Meppel op de agenda van het Notaoverleg MIRT en later in diezelfde week tijdens de begrotingsbehandeling van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Tijdens deze overleggen kunnen Tweede Kamerleden hun steun voor deze belangrijke spoorverbinding uitspreken en een grote bijdrage leveren aan het verbeteren van de bereikbaarheid van en naar Noordoost-Nederland.

De laatste ontwikkelingen